
Van 16 juni tot 17 september kun je de overzichtstentoonstelling van Johan van der Keuken in Parijs bezoeken. Weinig heb ik daarover in de Nederlandse pers gelezen, wel in de Standaard (B). Johan van der Keuken is een grote naam in Frankrijk maar totaal onbekend bij bijv. mijn ex-collega’s. Een voorbeeld van je hoofd boven het maaiveld uitsteken? Boeiend werk van een fotograaf die ook films maakte.
Zelfbewuste jongeren in beeld
Johan van der Keuken (1938-2001) begon op twaaljarige leeftijd te fotograferen met een camera die zijn vader hem gaf. Ed van der Elsken, de reportagefotograaf die 10 jaar ouder was (zie bijv. link), stimuleerde hem om te experimenteren. In 1955 kwam zijn eerste boek uit: “Wij zijn 17“, met portretten van zijn klasgenoten. Dit boek kreeg naast lof ook kritiek omdat het beeld van de jongeren niet overeenkwam met het ideaal van levensluchtig en vrolijk. Een confrontatie met de generatiekloof van die tijd. Zie ook de reactie met een ander boek “Wij zijn ook zeventien” van Louis Drent.
Hieronder is een pagina uit het boek van Johan van de Keuken te zien.

Studie en ontdekkingen in Parijs
In 1956 vertrok Johan van der Keuken naar Parijs om daar te studeren aan Institut des Hautes Études Cinématographiques. Hij nam op straat veel foto’s en maakt in 1960 een korte film van 10 min. over de stad: ” Paris à l’aube” (Parijs in het ochtendgloren ). Hier onder zie je een beeld uit die film.

Hij was onder de indruk van films van de Nouvelle Vague. Zo schrijft hij:
“Op het eind van mijn studie aan de IDHEC in 1958, op twintigjarige leeftijd, zag ik films van de Nouvelle Vague. Het schot met het lange rennen over het strand, op het eind van Quatre Cents Coups (400 klappen) van Truffaut, was waarschijnlijk de eerste keer dat ik een film zo kordaat zag breken met de verhalende context om de poëzie voelbaar te maken van die gebeurtenis: wat overtuigend! Nog sterker was ik geraakt door A bout de shuffle van Godard: hij knipte in scenes waar hij maar wilde, in het midden van acties zodat zijn film een opeenvolging werd van verspringende scenes. Vanaf toen ontstond, als verlengstuk van mijn fotografiewerk (waarvoor ik, met een project voor een boek over Parijs, met een kleine camera door de stad wandelde) het idee en verlangen naar film die alleen fysiek en direct is. Dit spookte door mijn hoofd.“
Hieronder is een beeld uit de slotscene van “Quatre cents coups” van Trufaut te zien.

Truffaut’s meesterwerk
In 1959 maakte de 27-jarige Francois Truffaut hij zijn eerste langspeelfilm, Les Quatre Cents Coups, waar autobiografische elementen in zitten. De hoofdpersoon, een jongen die worstelt met zijn jeugd in een ontwricht gezin, wordt op het einde van de film, in een lange opname, rennend langs weilanden richting de zee, gefilmd.
Deze film werd direct door velen herkend als een meesterwerk, oa door Jean Cocteau. We kunnen begrijpen dat de montage en kadrering van de opnames indruk maakten op Johan van der Keuken.
Parijs van de jaren vijftig
Speciaal is het voor mij om te realiseren dat dit Parijs, eind jaren 50, in deze film maar ook op de foto’s en films van Johan, dezelfde stad was, met vooral de oude auto’s, die mijn vader en moeder zagen toen zij er voor hun huwelijksreis naar toe gingen.

Deze tentoonstelling is zeker de moeite waard om naar toe te gaan. Tot 17 september 2023. Bekijk hier de link naar de tentoonstelling.